Oosterschelde met aanliggende wateren


 

Hoofdtransportas

Kanaal door Zuid-Beveland / Aanloop Wemeldinge / Brabantsche Vaarwater/   Witte tonnen Vlije / Keeten / Mastgat / Krabbenkreek (niet Hoofdtransportas) / Zijpe - Zuid Grevelingen (niet Hoofdtransportas) / Slaak (niet Hoofdtransportas) / Krammer

Stormvloedkering tot de Zeelandbrug

Roompot (binnen) / Sophiahaven / Geul / Schaar van Colijnsplaat / Overloop van Zierikzee / Geul van de Roggeplaat / Hammen / Schelphoek / Oliegeul

Oostelijk van de Zeelandbrug

Engelsche Vaarwater / Oosterschelde / Zandkreek / Dortsman / Goesche Sas / Schaar van Yerseke / Verswatergeul / Tholensche Gat (west) / Lodijksche Gat / Pietermanskreek 


Haveninformatie Zeeuwse wateren

De Oosterschelde is een zeearm in de provincie Zeeland. Omgeven door de (schier)eilanden Schouwen-Duiveland, Tholen, Zuid-Beveland en Noord-Beveland.  Het is een oorspronkelijke aftakking van de rivier de Schelde. Sinds de bouw van de Oosterscheldekering in 1986 kan de Oosterschelde volledig van zee worden afgesloten.

Ontstaan

De vorm en de grootte van de Oosterschelde is lang aan verandering onderhevig geweest. Na het Weichselien stroomde de Schelde aanvankelijk langs de Steilrand van Bergen op Zoom naar het noorden via het huidige Tholen en Sint Philipsland door het huidige Overflakkee naar het Maas-Rijndal. Vanaf 9.000 v. Chr. begon de zeespiegel aanmerkelijk te stijgen wat leidde tot het ontstaan van getijdengeulen. Van 5.500-4.300 v.Chr. ontstond aldus de voorloper van de huidige Oosterschelde. Uiteindelijk kwam deze geul in aanraking met de Scheldestroom, waardoor de laatste zich verlegde naar wat de Oosterschelde zou worden. Oorspronkelijk was dit een veenrivier. Ongeveer 3.800 v.Chr. ontstond er een haf (etang) aan de kust. Ongeveer 200 v. Chr. werd dit haf weer op een aantal plaatsen doorbroken en ontstond de voorloper van de huidige Westerschelde, een het land binnendringende getijdengeul. Ook nadat de Schelde contact met de Westerschelde had gemaakt duurde het nog vele eeuwen voordat deze geschikt was voor scheepvaartverkeer naar Antwerpen. Pas tegen het einde van de 15e eeuw werd Antwerpen via de Westerschelde bereikt. Dit werd nu ook de hoofdafvoer van de Schelde. De verbindingsgeul tussen de Westerschelde en de Oosterschelde verzandde toen geleidelijk en op het einde van de 17e eeuw was het soms al mogelijk om de verbinding tussen Noord-Brabant en Zuid-Beveland te voet te overbruggen. Pas in 1867 werd deze verbinding afgedamd door de Kreekrakdam.

Tot in de middeleeuwen was de Oosterschelde een vrij kleine rivierarm. In de loop der eeuwen won de Oosterschelde echter steeds meer terrein op het land, waardoor het uitgroeide tot een flinke zeearm. Door inpolderingen en het aanleggen van dijken heeft de Oosterschelde de laatste eeuwen de huidige omvang gekregen.

National Park Oosterschelde

Vanaf 8 mei 2002 is de Oosterschelde een nationaal park onder de naam Nationaal Park Oosterschelde. Het leven in de Oosterschelde is onder water namelijk zeer gevarieerd en uitbundig, voor veel soorten is het een belangrijke kraamkamer. Op de zandgronden is vaak nog wel het een en ander aan leven te zien, zij het wat minder dan op de dichtbegroeide harde substraten van de dijken en andere werken van Rijkswaterstaat. In de Oosterschelde wordt om die reden veel gedoken door duikers vanuit verschillende delen van Europa.

Duiken

Enkele populaire duikplekken aan de Oosterschelde:

[naar boven]


Uit BPR (volledige tekst BPR)

Artikel 9.04. Kleine schepen
1. Op de in bijlage 15, onder a, vermelde vaarwegen mag een klein schip slechts varen indien het is voorzien van een motor die voor onmiddellijk gebruik gereed is, en waarmee een snelheid van ten minste 6 kilometer per uur ten opzichte van het water kan worden gehandhaafd.
2. Op de in het eerste lid bedoelde vaarwegen, met uitzondering van de Geldersche IJssel, de Boven-Merwede, de Neder-Rijn en het Pannerdensch Kanaal, moet een klein schip zo veel mogelijk aan de stuurboordszijde van het vaarwater varen.
3. Op de in het eerste lid bedoelde vaarwegen is het niet toegestaan het vaarwater op te kruisen.
4. Het in het eerste lid genoemde verbod, is op de daar bedoelde vaarwegen, met uitzondering van de vaarweg ten westen van de sluizen te IJmuiden, niet van toepassing op schepen die bestemd zijn om door spierkracht te worden voortbewogen en ook daadwerkelijk als zodanig worden gebruikt.
6. Op de in bijlage 15, onder b, genoemde vaarwegen moeten een varend en een geankerd klein schip bij slecht zicht een goed functionerende radarreflector voeren.

Bijlage 15. Kleine schepen
a. De vaarwegen, bedoeld in artikel 9.04, eerste lid, zijn:
3. de Noord;
4. de Oude Maas;
5. de Dordtsche Kil;
6. het Kanaal door Zuid-Beveland;
7. het Brabantsche Vaarwater;
8. de Witte Tonnen Vlije;
9. de Schelde-Rijnverbinding;
24. de Nieuwe Maas;
25. de Nieuwe Waterweg;
26. de Maasmond;
27. het Calandkanaal;
28. het Beerkanaal;
32. het betonde hoofdvaarwater van het Hollandsch Diep;
33. de Veerhaven te Terneuzen.
b. de vaarwegen, bedoeld in artikel 9.04, zesde lid, zijn:
2. de Maasmond, de Nieuwe Waterweg, de Nieuwe Maas, het Beerkanaal, het Calandkanaal
en het Hartelkanaal, alsmede de havens aan deze vaarwegen;
3. de Noord, de Oude Maas, de Dordtsche Kil, daarop aansluitend de vaarweg naar het
Industrie- en Havenschap Moerdijk, alsmede de havens aan deze vaarwegen en de haven
van dat Industrie- en Havenschap;
7. de havens en voorhavens die met de Westerschelde in open verbinding staan;
11. het betonde vaarwater van het Hollandsch Diep;
12. het Volkerak;
13. het Zuid-Vlije;
14. de Krammer;
15. het Mastgat;
16. het Keeten;
17. de Oosterschelde;

[naar boven]


Kanaal door Zuid-Beveland

Het Kanaal door Zuid-Beveland is een kanaal in Zeeland dat, in noord-zuid richting, loopt van Wemeldinge naar Hansweert. Het kanaal is een verbindingsweg voor de scheepvaart tussen de Oosterschelde en de Westerschelde. De aanleg van het kanaal startte in 1850 en het kanaal werd geopend in 1866. Het Kanaal door Zuid-Beveland is ca. 9 km lang.

Het kanaal was in de vorige eeuw één van de drukst bevaren kanalen van Europa. Met de komst van het Schelde-Rijnkanaal is het belang van het Kanaal door Zuid-Beveland voor de scheepvaart afgenomen. Eind vorige eeuw is het kanaal drastisch verbreed, zijn er nieuwe spoor- en verkeersbruggen gebouwd, zijn de sluizen bij Wemeldinge voor het scheepvaartverkeer komen te vervallen en is in Hansweert een nieuw sluizencomplex gebouwd met twee sluiskolken. Deze huidige oost- ¬en westsluis in Hansweert zijn 280 m lang en 24 m breed. De sluizen hebben roldeuren. Er passeren jaarlijks ruim 44.000 vaartuigen, waarvan bijna 10.000 recreatievaartuigen.

Bruggen en tunnel
Er liggen drie bruggen over het Kanaal door Zuid-Beveland. Elke brug heeft een vaste overspanning en een beweegbaar brugdeel (basculebrug). De onderdoorvaarhoogten bij de Vlakebruggen (spoorbrug van de Zeeuwse Lijn en verkeersbrug van de N289) en de Postbrug (brug van de N670) is bij een waterstand op NAP onder de vaste bruggen 10,50 m en bij de basculebruggen 9,50 m. Zowel de Postbrug als de Vlakebruggen worden op afstand vanaf de sluizen Hansweert bediend. Naast de Vlakebruggen ligt de Vlaketunnel als onderdeel van de A58.

Postbrug
Kanaal door Zuid-Beveland. Postbrug

[naar boven]

Aanloop Wemeldinge

De Aanloop Wemeldinge maakt deel uit van de intensief bevaren hoofdtransportas en kruist het vaarwater Oosterschelde. Het is de verbinding tussen het Brabantsche Vaarwater en het Kanaal door Zuid-Beveland. De aanloop Wemeldinge is dus het hoofdvaarwater ten opzichte van de Oosterschelde. Dus het verkeer tussen het Brabantsche Vaarwater en het Kanaal door Zuid-Beveland heeft voorrang op het verkeer van het vaarwater Oosterschelde. Dit lijkt wat vreemd, omdat het vaarwater Oosterschelde veel breder is en ook, dat de scheepvaart het vaarwater Oosterschelde oversteekt.
Door de ton AW10 en de scheidingston AW 8-O 23 wordt de strekking van het vaarwater Oosterschelde noordelijker van de monding Kanaal door Zuid-Beveland gelegd, zodat zowel de uitvaart uit het Kanaal door Zuid-Beveland als de doorgaande vaart op de Oosterschelde beter zicht op elkaar hebben. Voor de recreatievaart is het van belang dat de nieuwe “aanloop Wemeldinge” niet genoemd gaat worden in Bijlage 15 van het Binnenvaart Politie Reglement omdat dit grote beperking voor hen met zich mee zou brengen. Voor de veiligheid is het ook niet noodzakelijk de aanloop in bijlage 15 op te nemen.
Verkeerscentrale Wemeldinge (VHF 68) heeft visueel en met radar goed zicht op dit stuk water. Volg zelf het verkeer goed. Zowel visueel als de communicatie van Verkeerscentrale Wemeldinge. Beroepsvaart vaart hier met hoge snelheid. Onderschat dat niet. De beroepsvaart meldt zich over het algemeen bij de verkeerscentrale als ze het kanaal uit- of invaren om te horen of er ander verkeer is.

Verkeerscentrale Wemeldinge
Verkeerscentrale Wemeldinge (2005)

[naar boven]

Brabantsche Vaarwater

Het Brabantsche Vaarwater is onderdeel van de druk bevaren Noord-Zuid verbinding. Het loopt tussen de Vondelingplaat en de Galgeplaat aan de westzijde en de Slikken van den Dortsman aan de oostzijde. Het is de westelijke verbinding tussen de Keeten en het vaarwater Oosterschelde. Bij de boei BV8-WTV9 komt de Witte Tonnen Vlije en het Brabantsche Vaarwater samen. De Witte Tonnen Vlije en zuid van de boei BV 8-WTV 9 vormen een deel van de Noord-Zuid verbinding. Sectorlicht Haven de Val geeft geleiding in het deel van het vaarwater noord van de boei BV 8-WTV 9.

[naar boven]

Witte Tonnen Vlije

De Witte Tonnen Vlije is de oostelijke verbinding tussen de Keeten en het Brabantsche Vaarwater. Onderdeel van de Noord-Zuid verbinding. Het was vroeger een kortere maar ondiepere vaarweg en betond met de toen gebruikelijke witte tonnen. Tegenwoordig wordt het vaarwater op diepte gehouden. Het sectorlicht Hoek van Ouwerkerk geeft geleiding in dit vaarwater.

Sectorlicht Hoek van Ouwerkerk
Sectorlicht Hoek van Ouwerkerk

[naar boven]

Keeten

Het vaarwater Keeten loopt vanaf de Zeelandbrug tot aan de Krammer. Aan de noordzijde de wal van Duiveland en de Slikken van Viane. Zuid ligt Tholen.
Het water is vernoemd naar zoutketen nabij Ouwerkerk op de kust van Duiveland. Deze houten keten, die werden gebruikt bij het darinkdelven, waren voor schippers een steun bij het navigeren.
Ter hoogte van de Krabbenkreek wordt het Mastgat genoemd en tussen de Bruinissepolder en Sint Philipsland het Zijpe. De benaming van de tonnen zijn de hele strekking Kt (Keeten).
Vanaf de Krammer tot aan de Witte Tonnen Vlije maakt dit vaarwater deel uit van de hoofdtransportas en is zeer druk bevaren.

[naar boven]

Mastgat

Het Mastgat is het vaarwater wat Tholen en Schouwen-Duiveland scheidt. Het is samen met de Keeten en het Zijpe de verbinding tussen de Oosterschelde en de Krammer.

Schokker Kaag
Schokker Kaag

Het water kreeg zijn naam nadat er in 1671 een kaag was gezonken waarvan de mast lange tijd boven het water uitstak. De mast fungeerde als baken voor de scheepvaart. Voor 1671 werd het Mastgat tot het Keeten gerekend.

[naar boven]

Krabbenkreek

De Krabbenkreek is een onverlicht vaarwater tussen Tholen en Sint Philipsland. Het leidt naar de havens van Sint Annaland, Sint Philipsland en eindigt bij de ondiepe Mosselkreekhaven waar nog een loswal is.

[naar boven]

Zijpe

Het Zijpe is het stuk vaarwater tussen de Bruinissepolder en Sint Philipsland. Het is samen met de Keeten en het Mastgat de verbinding tussen de Oosterschelde en de Krammer.
Tot de opening van de Philipsdam in 1988 voer er tussen Zijpe en Anna Jacobapolder een veerdienst over het Zijpe.

[naar boven]

Zuid Grevelingen

De Zuid Grevelingen loopt van de Krammer naar de Vissershaven van Bruinisse en naar de Grevelingensluis.

[naar boven]

Slaak

Het Slaak is een stuk water voor de mosselvisserij. Gelegen tussen de noordwal van Sint Philipsland en de Philipsdam. Het nu doodlopend water heeft andere tijden gekend. De onderstaande afbeelding geeft de slag op het Slaak op 12 september 1631 weer.

Slag op het Slaak 12 september 1631
Slag op het Slaak 12 september 1631

[naar boven]

Krammer

Het Krammer is het westelijk deel van het water, dat oostelijk Volkerak heet. Tussen het Krammer en het westelijk gelegen Grevelingenmeer ligt de Grevelingendam met daarvoor de Plaat van Oude Tonge met mosselhangcultuur. Ten noorden van het Krammer ligt Goeree-Overflakkee, ten zuiden het Zijpe en Sint Philipsland. De Philipsdam loopt van de Grevelingendam dwars door het Krammer naar Sint Philipsland.
Aan de noordzijde loopt het vaarwater door naar de jachtensluis. Aangeven met K-sport betonning. Zuid gaat het vaarwater over in de Westelijke Voorhaven van de Krammersluizen.

[naar boven]

Roompot (binnen)

De RoompotDe Roompot is een vaargeul in de Oosterschelde aan de noordzijde van Noord-Beveland, en kan sinds 1984 met een sluis (de Roompotsluis, een onderdeel van Oosterscheldekering) worden afgesloten. De herkomst van de naam "Roompot" wordt wel teruggebracht tot Romanorum Portus, een haven uit de Romeinse tijd waar zeevaarders vertrokken voor overtochten naar Brittannia en voor kustvaarten richting zuiden (naar Frankrijk, Iberië en de Middellandse Zee). Deze verklaring is echter een speculatieve hypothese. In 1853 zonk hier het zeilschip Roompot.

[naar boven]

Sophiahaven

Vanuit Noordland Binnen stuurboord uit langs de veiligheidslijn van de Oosterscheldekering kan naar de Sophiahaven worden gevaren. De voormalige werkhaven is aan te lopen door een korte blind betonde geul. Op de kop van de noorderlijke dam staat een vast wit licht. In de havenmonding staan het rode en het groene havenlicht. In de haven is de Roompot Marina gevestigd.
Even ten westen van de Sophiahaven ligt een trailerhelling. Te bereiken zuid van de speciale tonnen DAM-O 1, AF 1 en AF 3.
Net ten oosten van de Sophiahaven onder de kust van Noord Beveland is een gebied aangewezen voor kitesurfen. Dit gebied is afgebakend met 5 speciale drijfbakens.

 

[naar boven]

Geul

Vanuit Noordland Binnen ligt direct aan bakboord de Geul naar de Betonhaven van Neeltje Jans. De geul ingevaren komt er eerst de Mattenhaven aan bakboord waarvoor de invaart verboden is. Deze Mattenhaven wordt gebruikt voor de visserij. Aan de oostzijde ligt de Middelplaat. Het vaarwater heeft eerst een flauwe en dan een scherpe bocht. De Geul is blind betond en redelijk stabiel. In de haven ligt een drijvende steiger beheerd door Roompot Marina in de Sophiahaven. Buiten het pleziervaartseizoen staan de steigerpontons op de wal. De steiger is de eerste afmeer mogelijkheid voor pleziervaart na de Roompotsluis. In de haven kan men ook goed ankeren. Op de kaart is een put te zien van bijna 10 meter LAT. Bij stevige oostelijke wind en hoogwater kan het in de Betonhaven onrustig zijn.

[naar boven]

Schaar van Colijnsplaat

De Schaar van Colijnsplaat loopt langs de noordkust van Noord Beveland en aan de noordzijde begrensd door de Vuilbaard bank. Het is een zuidelijke splitsing van de Roompot naar de haven van Colijnsplaat en eindigt bij de Zeelandbrug. De zuidzijde van het vaarwater is beperkt betond en beide zijden blind.

[naar boven]

Overloop van Zierikzee

De Overloop van Zierikzee is de verbinding tussen de Roompot en de Schaar van Colijnsplaat. Het ligt oost van de Vuilbaard en loopt evenwijdig aan de westzijde van de Zeelandbrug.

Zeelandbrug
Zeelandbrug

Zeelandbrug

De Zeelandbrug wordt voor alle scheepvaart 24 uur per dag op alle dagen van de week bediend. Hierbij geldt de beperking dat tussen 22.00 uur en 06.00 uur de beroepsvaart via de sluizen te Vlissingen prioriteit heeft. De brug wordt op afstand bediend vanaf het Centraal Bedieningsgebouw in Vlissingen. 

Bloktijden
Een bloktijd is een periode dat de brug alleen beschikbaar is voor het wegverkeer. Op alle dagen tussen 05.30 uur en 23.00 uur gelden de volgende bloktijden voor de Zeelandbrug:

van 5.55 tot 6.08
van 6.22 tot 6.38
van 6.52 tot 7.08
van 7.22 tot 8.25
van 9.36 tot 9.52
van 16.35 tot 17.25
Daarnaast elke dag bloktijden van .05 tot .25 en van .35 tot .55uur: Brug kan open van .25 tot .35 en van .55 tot .05

Contact
Nautische Centrale Vlissingen
t. 0118 - 41 23 72

Bedieningstijden sluizen en bruggen Kanaal door Walcheren & Zeelandbrug
Bedieningstijden Kanaal door Walcheren en Zeelandbrug

[naar boven]

Geul van de Roggeplaat

De Geul van de Roggeplaat was een van de toegangsgeulen van de Oosterschelde. Het ligt tussen de droogvallende banken van de Roggeplaat en Neeltje Jans. Tegenwoordig leidt het vaarwater naar de Oliegeul en de Roggenplaathaven. Voor de pleziervaart is deze vaargeul doodlopend vanaf 1 maart tot 1 oktober. Zie Oliegeul.

[naar boven]

Hammen

De Hammen was vroeger een van de toegangsgeulen van de Oosterschelde en ligt tussen de droogvallende Roggenplaat en de Schouwse zuidkust en het Nunnenplaatje. In het donker geven het sectorlicht van Zierikzee, het sectorlicht van Flaauwershaven, het oeverlicht van Schelphoek en sectorlicht Burghsluis geleiding door de geul.
Bijzonder is betonningsrichting welke niet conform is aan het SIGNI systeem. Varend in de richting van de ebstroom zou de rode zijde aan stuurboord liggen. Dit is niet het geval in de Hammen. Wel is zo, dat vanaf zee komend de rode zijde aan bakboord ligt en dat het vaarwater ook eigenlijk dood loopt.

Flaauwershaven
Flaauwershaven (2010)

Flaauwershaven is een van de mooie havens van Zeeland. Er staat niet genoeg water en de bodem is vervuild met obstakels. Misschien wordt het in de toekomst wel een toevluchtsoord voor platbodems. Ga er maar eens een visje eten.
Verder met de ebstroom mee ligt de Schelphoek aan stuurboord. In de Schelphoek liggen 3 moorings (beperkte diepte) en het is een goede ankerplaats. Bij sterke wind uit zuidwestelijk kwadrant is het wat onrustig bij hoog water. Na de Schelphoek komt de haven van Burghsluis en loopt het vaarwater dood bij de Oliegeul van 1 maart tot 1 oktober.
Aan beide zijde van de vaargeul Hammen staan staken voor de visserij. Ook in de inloop van de Schelphoek. Navigeer voorzichtig.

[naar boven]

Schelphoek

De Schelphoek op Schouwen-Duiveland is een natuurgebied in de buurt van Serooskerke. Het bestaat uit een krekengebied, dat ontstaan is uit een dijkdoorbraak tijdens de watersnood van 1953. De dijkdoorbraak is nooit hersteld, en om de ontstane waterpartij is een ringdijk aangelegd, waarlangs veel olijfwilgen groeien. Dit waterbekken is gebruikt als haven voor de aanleg van de Oosterscheldekering. Restanten van werkhaven zijn nog duidelijk zichtbaar. In de Schelphoek wordt aan zeewierteelt gedaan. Zie www.zeewierwijzer.nl.
Met enige voorzichtigheid is de Schelphoek toegankelijk vanuit de Hammen. De staken voor de visserij staan er niet handig. Er liggen installaties voor de zeewierteelt. Een mooie ankerplaats. Let wel op de aanwezige diepte. Bij wat sterkere zuidelijke wind en hoogwater kan het wat onrustig zijn. Het is wel een prachtige locatie.

Inloop en moorings Schelphoek
Inloop Schelphoek

[naar boven]

Oliegeul

De Oliegeul is een geul tussen de Roggeplaat en de Roggeplaathaven. Tijdens de aanleg van de Oosterscheldekering kwam door deze geul, nog zonder naam, de bunkerboot met brandstof.
Het was lang verboden vaargebied tussen 1 maart en 1 oktober om de zeehonden populatie met rust te laten. Sinds najaar 2016 is het toegestaan het hele jaar hier te varen. Het is een morfologisch dynamisch gebied waar zelfs de meest recente kaart niet de werkelijkheid hoeft weer te geven. Lees de folder:


Besluit beperking toegankelijkheid gebieden ex art. 20 Natuurbeschermingswet 1998, gelegen binnen het Natura 2000-gebied ‘Oosterschelde

Artikel 3

Voor de binnen het Natura 2000-gebied ‘Oosterschelde’ gelegen gebieden ‘Roggenplaat-Neeltje Janscomplex’ en ‘noordelijk deel van de Vondelingsplaat’ is de toegang gedurende het gehele jaar verboden, behoudens de navolgende uitzonderingen:

a. de hoge schelpenrug aan de oostzijde van de Roggenplaat vanaf de waterzijde tot aan de top is van 15 juni tot en met 14 september daaropvolgend toegankelijk; het bij zich hebben van een of meer honden is alleen toegestaan voor zover deze is c.q. zijn aangelijnd;
b. doorvaart door de Oliegeul is toegestaan;
c. het varen en ankeren in een zone van 100 meter buiten (en direct aansluitend aan) de betonning is toegestaan;
d. het varen en ankeren tot aan de -5 m dieptelijn in een zone aan de zuidoostkant van de Roggenplaat tussen de boeien GvR3 en LFI.5s/R34 is toegestaan.


Download onderstaand pdf bestand de recente kaart van de omgeving van de Oliegeul. Bestudeer vooral de tweede pagina en trek je plan.
omgeving Oliegeul
 


Oliegeul

[naar boven]

Engelsche vaarwater
 

Het Engelsche Vaarwater is de verbinding tussen de Keeten en de Oosterschelde. Het vaarwater loopt over een noordwestelijke uitloper van de Vondelingsplaat. Net even ten westen van de boei EV 3 licht een ondiepe plek van 17 dm LAT. Nog verder noordwestwaarts en halverwege EV 3 en de Zeelandbrug is nog een ondiepte van 22 dm LAT. Voor de meeste jachten geen probleem. Dit vaarwater wordt ook door grote binnenvaart gebruikt die niet door het Brabantsche Vaarwater of de Witte Tonnen Vlije willen. Bij ijsgang als de betonning is opgenomen wordt Brabantsche Vaarwater en de Witte Tonnen Vlije niet bevaren. De lichtenlijn van Haven de Val geeft dan richting in dit vaarwater. Vroeger waren de lichtenlijn Haven de Val en het sectorlicht van Kats de richtpunten van de veerboot Haven de Val naar Kats v.v.

[naar boven]

Oosterschelde

Vanuit zee gezien gaat de Schaar van Colijnsplaat na de Zeelandbrug over in de Oosterschelde. Begrensd aan de zuidzijde door de vaste wal van Noord- en Zuid Beveland en de Platte bank. Aan de oost en de noordzijde door de Galgeplaat, Middelplaat en de zuidelijke wal van Tholen.
Een tal van vaarwaters komen uit op de Oosterschelde. Dit zijn het Engelsche Vaarwater, de Zandkreek, het Goesche Sas, het Kanaal door Zuid Beveland, de Dortsman, de Schaar van Yerseke, het Lodijksche Gat en het Tholensche Gat. De Oosterschelde is met uitzondering van het Engelsche Vaarwater, Brabantsche Vaarwater en Aanloop Wemeldinge hoofdvaarwater ten opzichte van deze vaarwaters. Voor het passeren van het Kanaal door Zuid-Beveland zie Aanloop Wemeldinge.
De ton O 3 ligt nagenoeg in de lichtenlijn van Haven de Val en bij nacht hier met enige voorzichtigheid varen.
Ten oosten van het Kanaal door Zuid-Beveland wordt de Oosterschelde eigenlijk alleen maar bevaren door de visserij en de recreatievaart. De Bergse Diepsluis is bewust niet groot genoeg voor zelfs het kleinste binnenvaartschip.

Veersteiger Gorishoek
Veersteiger Gorishoek

[naar boven]

Zandkreek

De Zandkreek is een voormalige arm van de Oosterschelde die is afgesloten door de Zandkreekdam. De Zandkreek ligt tussen de eilanden van Zuid-Beveland en Noord-Beveland. De Zandkreek is de verbinding tussen Oosterschelde en Veerse Meer via de Zandkreeksluis . Het vaarwater loopt tussen de slikken van Zuid-Beveland en Noord-Beveland (Katseplaat). In de dam ten zuiden van de Zandkreeksluis is de Katse Heule gebouwd om zout water toe te laten in het Veerse Meer.
Tijdens het recreatie seizoen kan het hier erg druk zijn. Vooral als een volle sluis leeg loopt richting Oosterschelde.
Bij stremming van het Kanaal door Zuid-Beveland wordt dit vaarwater onderdeel van de hoofdtransportas.

  Zandkreekdam
Zandkreekdam / Zandkreeksluis / Katse Heule

[naar boven]

Dortsman

De Dortsman is een geul van het Brabantsche Vaarwater naar de Oosterschelde. Begrensd aan de noordoostzijde door de Slikken van den Dortsman en aan de zuidelijke zijde de Middelplaat. Halverwege ligt een scherpe bocht om de Middelplaat. Vanaf de D 11 wordt het vaarwater ondieper en grilliger. Bij de uitloop van de Dortsman naar de Oosterschelde ligt een drempel met een diepte van ongeveer 15 dm LAT. Of de tonnen in positie liggen is niet zeker. Soms liggen deze tonnen in de weg van de Mosselvisser. Overal staan staken die mosselpercelen aanduiden. Het vaarwater wordt alleen gebruikt door vissers en de recreatievaart.

[naar boven]

Goesche Sas

Ringbrug GoesDe vaargeul Goesche Sas begint aan de rode zijde met de boei O 15-SAS 2 gevolgd door de SAS 4 en SAS 6. Deze dekken de ondiepte langs de wal van Zuid Beveland. De groene zijde begint met ton O 13 gevolgd door ton SAS 1. Natuurlijk kan dichter langs de kust worden gevaren vanaf de boei O 11- Z 2, maar pas dan op voor vistuig.
De sluis Goesche Sas wordt overdag bediend. Het marifoonkanaal is 18.
Direct aan stuurboord na het verlaten van de schutsluis ligt een jachthaven. Halverwege het kanaal ligt Wilhelminadorp. De Wilhelminabrug wordt op afstand bediend. Marifoonkanaal 18.
Wilhelminadorp ontstond in 1812 toen de Wilhelminapolder werd bedijkt. Oorspronkelijk heette de polder Lodewijkspolder, omdat Lodewijk Napoleon in 1809 besloot het gebied in te polderen. In 1815 kreeg de polder zijn huidige naam, naar de echtgenote van Koning Willem I.
Een eindje verder komt aan bakboord de inloop naar het Goese Meer. Er zit een drempel in de toegang van 90 cm. Het Goese Meer is aan het eind van de 20ste eeuw aangelegd. Rondom het meer liggen 400 woningen en de Goese golfbaan.
Voorbij het Goese Meer komt aan bakboord het havengebied van Goes. Een bescheiden industriegebied. Hier wordt ook een nieuwe woonwijk Goese Schans gerealiseerd.
Voor de Ringbrug kan je aan stuurboord ligplaats nemen.
De Ringbrug en de St Maartensbrug worden in het seizoen overdag bediend.
Na de Ringbrug aan bakboord ligt de haven van de Goese Watersportvereniging "De Werf". 

De Werf
De Werf

Iets verder kan je aan bakboord afmeren voor de "Strafgevangenis" of verder door de St Maartensbrug en je ligt dan in de stadshaven midden in Goes.

Stadshaven Goes
Stadshaven Goes

[naar boven]

Schaar van Yerseke

De Schaar van Yerseke loopt langs de oostelijke wal van Zuid-Beveland naar de drie havens van Yerseke. Eerst de Koningin Julianahaven voor de mosselvisserij. De tweede en derde haven zijn de Prinses Beatrixhaven en de Prins Willem-Alexanderhaven welke ook bestemd zijn voor de recreatievaart.
Voor de ingang van de Koningin Julianahaven heeft de Schaar van Yerseke een afsplitsing naar de Vers Water Geul.
Even ten oosten van de schaar ligt een speciale bolton Stort Yerseke. Hier wordt de tarra gestort. Onder tarra verstaat
men lege schelpen, zeewier, krabben, zeesterren en pokken.

Oesterputten
oesterputten Yerseke

[naar boven]

Verswatergeul

De Verswatergeul is een vertakking van de Schaar van Yerseke naar de mossel- en oesterputten. Noodzakelijk voor het verwateren van deze putten.

[naar boven] 

Tholensche Gat (west)

Het Tholensche Gat ligt zuid van de kust van Tholen. Sinds de compartimentering van de Oosterschelde bestaat het Tholensche Gat uit een westelijk en een oostelijk deel. Het westelijke deel is het vervolg van het vaarwater Oosterschelde en loopt langs Strijenham verder tot de voorhaven van de Bergsediepsluis. Aan de zuid zijde liggen de Speelmansplaten. Het sectorlicht Strijenham geeft nauwelijks geleiding in dit blind betonde vaarwater. Het Tholensche Gat (oost) ligt aan de andere kant van de sluis op het Zoommeer.

Sectorlicht Strijenham
Sectorlicht Strijenham

[naar boven]

Lodijksche Gat

Het Lodijksche Gat loopt van het Tholensche Gat naar de Zilverput. Tussen de Platte Bank aan de westzijde en de Speelmansplaten aan de oostzijde. Het vaarwater buigt af tussen de Speelmansplaten aan de noordzijde en de Hooge Kraaijer of Tarweplaat aan de zuidzijde. Dit doodlopende vaarwater heet het Diep van de Kraaijer of Marollegat. De belettering op de tonnen blijft LG.  Aan het eind ligt een groene ton ZILVERPUT met topteken.

[naar boven]

Pietermanskreek

De Pietermanskreek is een smalle diepe geul tussen de Hooge Kraaijer of Tarweplaat en het Verdronken land van Zuid-Beveland en is doodlopend. Het laatste gedeelte heet Westgat of Mosselkreek.
Eens leidde dit naar de landbouwhavens Roelshoek en Rattekaai. Nu slechts beperkt bereikbaar.

Kleine Pieterman
Kleine Pieterman

[naar boven]