Het Veerse Gat (Jaap Fischer)

 

Zeeland recreatieland

Het kleinste dorp, de grootste stad

Zij hebben allemaal wel wat

Een kanovijver, echoput

Een oude man, een oude hut

En aan het strand verdomd veel zand

Zeeland recreatieland

 

Veere recreatiestad

Een toren met een restaurant

Een walle- en een waterkant

Een havenkroeg, 1 havenmeid

En veel antiek uit d'oude tijd

Het meterslange wandelpad

En tot besluit het Veerse - hee wat is dat?

Waar is het Veerse Gat?

 

refrein:

Het gat is dicht, de haven ligt voor johoho, voor johohohoker

Als alle havens zonder gaten

Voor johoker, voor johoker

Und Fritz und Wilhelm komen nu wel schnell

Want Veere vreet hun bitte wel

Zoals wij vroeger vraten

Voor johoker, voor johoker, voor johoker

 

't Was nacht, 't was nacht

't Was midden in de nacht

Toen heeft een man uit Delft dit bedacht

Dat was een hele knappe

Voor Delft een hele knappe

Hij had daar thuis wel 17 caissons

En daarbij nog een heleboel pontons

Die had hij van zijn ome

Om hogerop te komen

Hij dacht voor Delft heel diep en zei toen: wat

Heb ik nu aan die dingen zonder gat

 

Om kort te gaan dames en heren

Dit werd het Gat van Veere

 

Veere recreatiestad

Een toren met een kabelbaan

Een frietkraam met een vlag eraan

De havenkroeg wordt uitgebreid

Er komt een tweede havenmeid, aus Bremen

De vissers op het wandelpad

Zij krabben stug hun Veerse - ach nee

 

refrein